Hoe maak je biobased gevelelementen geschikt voor grootschalige toepassing? NPSP werkt binnen het Fieldlab Biocomposieten Bouw aan die uitdaging. Het bedrijf wil delen van zijn productieproces automatiseren en een rekenmodel ontwikkelen dat rekening houdt met variaties in natuurlijke grondstoffen. “Alleen krijgen we het misschien ook wel voor elkaar, maar samen gaat het sneller”, zegt directeur Willem Böttger.
Van gerecycled toiletpapier tot gemalen dakpannen: bij NPSP krijgen uiteenlopende grondstoffen een tweede leven. Het bedrijf ontwikkelt en levert al bijna dertig jaar innovatieve composietmaterialen voor de bouw, openbare ruimte, design en mobiliteit. In Europa behoort het tot de voorlopers op het gebied van biocomposieten. Bekende voorbeelden van producten zijn fietspaddenstoelen, verkeersborden en buitenmeubilair.
De laatste jaren ligt de nadruk vooral op gevelbekleding. Zo'n 90 procent van de activiteiten van NPSP bestaat inmiddels uit de productie van gevelelementen, vertelt Böttger. "Ons gepatenteerde plaatmateriaal bestaat uit drie componenten: vezels, vulstoffen en hars. De grondstoffen komen daarbij zoveel mogelijk uit natuurlijke bronnen of reststromen. Zo kunnen de vezels afkomstig zijn van vlas, hennep of riet, maar ook van gerecycled toiletpapier dat waterschappen uit rioolwater filteren. Als vulstof gebruiken we onder meer kalk die drinkwaterbedrijven uit het water filteren. Ook gemalen pitten zijn geschikt. Voor de harsen kijken we naar restmaterialen uit onder andere de suikerindustrie. En als kleurstof gebruiken we bijvoorbeeld gemalen dakpannen uit de Zaanstreek."
De ingrediënten worden gemengd en onder hoge temperatuur in een mal geperst. Het resultaat is een sterk, vormvast en licht materiaal dat lang meegaat en weinig onderhoud vraagt. Bovendien kost de productie aanzienlijk minder energie dan die van vergelijkbare traditionele materialen.

Binnen het Fieldlab Biocomposieten Bouw werkt projectleider Sam Lonis van NPSP samen met onder meer Hogeschool Inholland aan een efficiënter productieproces. Veel werkzaamheden gebeuren nog met de hand en op relatief kleine schaal. Automatisering en opschaling moeten de arbeidskosten en daarmee de kostprijs verlagen, legt Böttger uit. "Studenten van Inholland hebben zich bijvoorbeeld al beziggehouden met het automatisch boren van gaten in de gevelelementen. Een volgende studentengroep onderzoekt hoe het ontbramen van die gaten kan worden geautomatiseerd. Dat soort stappen lijkt misschien klein, maar kan in het productieproces tijd en geld besparen."
Parallel hieraan denkt Fieldlab-partner Spaak cs mee over beschikbare ingrediënten en vereiste materiaaleigenschappen. Böttger: "We delen onze ervaringen en kennis en hopen op die manier materialen te ontwikkelen die nog beter bestand zijn tegen vocht en uv-straling en die nog brandveiliger zijn. Het gaat vooral om het verder verfijnen van onze bestaande processen."
Een ingewikkelder vraagstuk is de wisselende samenstelling van de ingrediënten. Natuurlijke en gerecyclede grondstoffen zijn immers niet altijd identiek. Gemalen pitten kunnen bijvoorbeeld verschillen in grootte en herkomst, afhankelijk van de groeiomstandigheden. Dat beïnvloedt het recept en daarmee de eigenschappen van het eindproduct.
"We willen binnen het Fieldlab een rekenmodel ontwikkelen waarmee we kunnen berekenen welke eigenschappen een product krijgt, ook als de grondstoffen variëren", vertelt Böttger. "We zouden natuurlijk uit voorzorg extra pitten aan het mengsel kunnen toevoegen als ze kleiner zijn dan bij vorige leveringen, maar als dat niet nodig is, is dat ook niet duurzaam. De uitdaging is om met wisselende grondstoffen toch aan de eisen voor toepassing in de bouw te voldoen. Dat is behoorlijk ingewikkeld."
De samenwerking binnen het Fieldlab biedt meer dan alleen technische kennis, weet Böttger. "Biobased bouwmaterialen zijn nog relatief onbekend en kunnen duurder zijn dan traditionele alternatieven. Daardoor moeten aannemers en opdrachtgevers die ermee werken soms hun nek uitsteken. Gezamenlijk optrekken binnen het Fieldlab kan helpen om dat risico te verkleinen en de bekendheid van onze materialen te vergroten. Binnen dit project gaan we echt gezamenlijk op avontuur. Samen staan we sterker en kunnen we aan de bouwwereld laten zien dat onze materialen degelijk, mooi en duurzaam zijn. Ontwikkelingsbedrijf Noord-Holland Noord speelt daarin een belangrijke rol. Als verbindende partij helpt ONHN ons netwerk met bedrijven en kennispartners te versterken."
Vooralsnog komt de vraag naar de biobased gevelelementen vooral van voorlopers: opdrachtgevers die hun milieuprestaties willen verbeteren. NPSP werkt bijvoorbeeld voor ProRail en waterschappen. Böttger verwacht dat de markt groeit als regelgeving wordt aangescherpt, subsidies de toepassing stimuleren en het lukt om de kostprijs te verlagen.
"Architecten kijken door Europese regelgeving steeds nadrukkelijker naar de CO₂-uitstoot van materialen gedurende de bouw en de levensduur van een gebouw. Onze gevelplaten hebben zelfs een negatieve uitstoot: ze slaan meer CO₂ op dan ze uitstoten."

Wanneer is het Fieldlab Biocomposieten Bouw voor Böttger geslaagd? "Als het lukt om een eerste versie van het rekenmodel gereed te krijgen én voor ons duidelijk wordt waar in ons productieproces de grootste verbeteringen mogelijk zijn. We willen weten aan welke knoppen we moeten draaien om de kostprijs omlaag te krijgen en hoe we ons proces slimmer kunnen inrichten. Dan kunnen we gericht investeren in nieuwe machines. Als we dat voor elkaar krijgen, hebben we iets heel gaafs in handen."
Headerfoto: Biobased gevelpanelen(HDSR), Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden
Dit project wordt medegefinancierd met geld uit het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO).
Werk samen met andere ondernemers, investeerders, onderwijs en overheid aan projecten die de regionale economie versterken. Deze projecten helpen jou als ondernemer bij innoveren, investeren of internationaliseren.
Wat zit er achter het succes van een onderneming? In de podcastserie ‘De Kracht achter het Succes’ vertellen de finalisten van de NHN Business Awards over hun bedrijf, de keuzes die ze maken en hun ambities voor de toekomst. Presentator Ger Welbers gaat hierover in gesprek met Esther Zijl, directeur van Ontwikkelingsbedrijf Noord-Holland Noord (ONHN) en juryvoorzitter van de NHN Business Awards. In de podcast over CuliQuiz neemt ONHN-bedrijfsadviseur Mark Helderman haar plaats in. Op deze pagina vind je de gesprekken met de drie finalisten van de Thema Award Innovatie (Start-ups & Scale-ups).
Wat zit er achter het succes van een onderneming? In de podcastserie ‘De Kracht achter het Succes’ vertellen de finalisten van de NHN Business Awards over hun bedrijf, de keuzes die ze maken en hun ambities voor de toekomst. Presentator Ger Welbers gaat hierover in gesprek met Esther Zijl, directeur van Ontwikkelingsbedrijf Noord-Holland Noord (ONHN) en juryvoorzitter van de NHN Business Awards. In de podcast over Stad Alkmaar Logistics neemt ONHN-bedrijfsadviseur Mark Helderman haar plaats in. Op deze pagina vind je de gesprekken met de drie finalisten in de categorie MKB Groot.
Wat hebben een transportbedrijf, een tulpenleverancier, een plantenkweker en een natuursteenbedrijf met elkaar gemeen? Het zijn allemaal familiebedrijven. En misschien verklaart dat voor een deel hun manier van ondernemen: niet alleen kijken naar wat vandaag rendeert, maar ook naar wat morgen nodig is.